Onlangs las ik een artikel in Tijdschrift over aanbidding. Ik vond het een zeer interessant stukje. Daarom heb ik ook besloten mij hierop te baseren om jullie wat meer te vertellen over ware aanbidding. Ik hoop echt dat het jullie mag aanraken en motiveren om een leven van aanbidding te leiden.
Aanbidding is niet zo zeer een zaak van uiterlijke tekenen, als wel van het innerlijke.
Mat. 15:8-9 “Dit volk eert mij met de lippen, maar hun hart is ver van mij; tevergeefs vereren ze mij, want ze onderwijzen hun eigen leer, voorschriften van mensen.”
Rom. 12:1 “Broeders en zusters, met een beroep op Gods barmhartigheid vraag ik u om uzelf als een levend, heilig en God welgevallig offer in zijn dienst te stellen, want dat is de ware eredienst voor u.”
Echte aanbidding wordt het meest zichtbaar in dagelijkse uitingen van trouw aan God, in je omgang met geld, je vriendschappen, je gezinsleven, je omgang met seksualiteit,…
Filip. 1:18-24
“18 Maar wat doet het er eigenlijk toe! Wat telt is dat Christus verkondigd wordt. Of het nu uit valse of oprechte motieven gebeurt – dát het gebeurt verheugt me. En mijn vreugde is blijvend, 19 omdat ik weet dat dit alles door uw gebed en de hulp van de Geest van Jezus Christus tot mijn redding leidt. 20 Het is mijn stellige hoop en verwachting dat ik mij nergens voor zal hoeven te schamen, maar dat Christus bij alles wat mij overkomt in alle openheid geëerd zal worden, of ik nu in leven blijf of moet sterven. 21 Want voor mij is leven Christus en sterven winst. 22 Als ik blijf leven, kan ik vruchtbaar werk doen, maar toch weet ik niet wat ik moet kiezen. 23 Ik word naar twee kanten getrokken: enerzijds verlang ik ernaar te sterven en bij Christus te zijn, want dat is het allerbeste; 24 anderzijds is het omwille van u beter dat ik blijf leven.”
Paulus wil dat wat hij ook doet met zijn lichaam, hetzij in leven of dood, hij altijd in aanbidding zal zijn, maar wat bedoelt hij hier precies mee?
Christus verheerlijken door leven en dood
Vers 20 en 21 zijn met elkaar verbonden. In beide verzen vind je de termen ‘leven’ en ‘dood’.
Vers 21 geeft de basis hoe Jezus kan worden verheerlijkt in leven en dood. Aan het woord ‘want’ zie je dat het dieper ingaat op het vorige vers.
Wanneer we uit beide verzen de stukjes over ‘dood’ samenvoegen krijgen we het volgende: ‘mijn verlangen en hopen is dat Christus grootgemaakt zal worden in mijn lichaam door de dood, want voor mij is het sterven winst.’
Jezus wordt verheerlijkt in mijn sterven. Als dat voor mij winst betekent, dan verhoog ik Jezus. Sterven betekent namelijk dichter bij God komen. Als je hier naar uitkijkt, dan verhoog je God. Het is voor God fijn dat je bij Hem wil zijn. Het verlangen om bij iemand te zijn is namelijk een uiting van liefde.
Wanneer we dan de twee stukjes over ‘leven’ samenvoegen krijgen we het volgende: ‘Mijn verlangen is dat Christus grootgemaakt zal worden in mijn leven, want het leven is mij Christus.’
Paulus eert Jezus door de volgende term uit te leven: het leven is mij Christus. Wat betekent dit? Laten we eens kijken naar Filipenzen 3:8: “Sterker nog, alles beschouw ik als verlies. Het kennen van Christus Jezus, mijn Heer, overtreft immers alles. Omwille van hem heb ik alles prijsgegeven; ik heb alles als afval weggegooid. Ik wilde Christus winnen”.
‘Leven is Christus’ wil zeggen dat je alles in dit leven als schade acht in vergelijking met de waarde die ligt in het winnen van Jezus. Het houdt dus in dat je Jezus als winst ervaart ook in het leven. Je ziet Hem als het belangrijkste, hetgeen het meeste geluk geeft. Hij is belangrijker dan al het andere wat het leven te bieden heeft: carrière, roem, voedsel, vrienden,… Je wil van Jezus genieten, je ziet Hem als de allergrootste schat.
Echte aanbidding komt dus tot uiting in onze manier van leven en sterven. Bij sterven kunnen we God aanbidden door geen angst te hebben om te sterven, maar er juist naar uit te kijken, omdat sterven dichter bij God komen is. Als jongere is dat natuurlijk niet gemakkelijk omdat je allerlei keuzes en plannen moet maken voor de toekomst. Je kijkt ook uit naar een huwelijkspartner, eigen kindjes,… Toch kunnen we hierin God aanbidden door geen angst te hebben om te sterven. We mogen erop vertrouwen dat Hij bepaalt wanneer we sterven, en dat het bovendien fijn is om dicht bij Hem te zijn.
Bij leven moeten we God hoger stellen dan alle andere dingen, meer genieten van God dan van aardse deugden. Het verlangen om te leven tot Zijn eer en Hem boven je plannen, verlangens en pijn te stellen.
Wanneer we overgaan in echte aanbidding zullen we vrede van God ervaren, en pas dan kunnen we vreugde ervaren ongeacht de omstandigheden. Dan pas kunnen we blijvend geluk ervaren door problemen heen. Dan kunnen we gewoon blij zijn om wie Jezus is en om wat Hij heeft beloofd. Zelfs wanneer we nog steeds geen huwelijksparnter gevonden hebben of je te kampen hebt met ziekte of andere zorgen. Hoe hoger de plaats die God in ons leven heeft, hoe kleiner onze problemen worden.
(naar een artikel van John Piper uit tijdschrift 69)