Nehemia

Afhankelijk van God

Leven met God van dag tot dag. Een mooie zin, maar de praktijk is heel wat minder makkelijk. Hoe snel zijn we God als liefdevolle Vader niet vergeten en nemen we het leven in eigen handen. Deze morgen wil ik vanuit Nehemia 2 nadenken over de vraag: ‘Hoe kunnen we praktisch God in ons leven betrekken? Hoe een persoonlijke relatie met God beleven?’.
Nehemia heeft het slechte nieuws gehoord dat het niet goed gaat met de inwoners van Jeruzalem. Ze worden bespot en zijn ontmoedigd. IJverig zijn ze begonnen aan de wederopbouw van de stad, maar het werk vordert traag, de tegenstand is groot en na al die jaren liggen de muren en poorten van de stad nog steeds in puin. Nehemia wil zo graag iets doen aan in de situatie in Jeruzalem en begint te bidden.

1. In stilheid en vertrouwen (Nehemia 2:1)

Hoe reageren wij wanneer we een nood horen? Sommige mensen horen een nood en denken: die nood is veel te groot, daar kan ik niets aan doen. Anderen horen een nood en denken: daar moet iets aan gebeuren, laat ik de zaak maar onmiddellijk aanpakken. Maar Nehemia neemt eerst een tijd van gebed! Hij richt zich tot God en vraagt aan God: ‘Wat is Uw plan met mijn leven. Hoe wilt U mij in deze situatie gebruiken? Is het werkelijk Uw verlangen dat ik Uw volk in Jeruzalem ga helpen?’. Nehemia onderneemt niets uit eigen kracht, maar legt zijn noden en verlangens voor aan God en wacht af. Vier maanden lang wacht hij op Gods teken, op een mogelijkheid om zijn verlangen met de koning van Perzië te delen. Zouden wij het volhouden om 4 maanden lang voor iets te bidden en te vasten zonder een teken of verhoring te zien?

Geduldig afwachten, misschien is dat nog wel het moeilijkste in onze relatie met God. Wanneer we onze noden , onze strijd, onze verlangens met Hem hebben gedeeld, dan verlangen we zo naar een snelle verhoring, naar snelle oplossingen, naar een open deur, maar hoe vaak moeten we dan niet geduldig wachten. Soms duurt het wachten ons te lang en nemen we het leven weer in eigen handen. (bijvoorbeeld toen Mozes op de berg de tien geboden ontving). Gods woord leert ons dat we geduldig moeten zijn!

Ps. 46:10 zegt: “Wees stil en erken dat ik God ben”.
Durven we ons eigen leven los te laten. Geloven we werkelijk dat God ons zal geven wat we vragen ook al moeten we er op wachten?
In stilheid en vertrouwen zal u sterkte zijn. Dat we elke dag mogen leven vanuit een bewustzijn dat God als een liefdevolle Vader voor ons wil zorgen.

2. Verwacht grote dingen van God (Nehemia 2:1-9)

Vier maanden is Nehemia al bezig met vasten en bidden. Hij doet dit echter in het verborgene omdat hij niet wil dat zijn werk voor de koning in het gedrang zal komen.  Op een dag valt het de koning echter toch op en stelt hij Nehemia een vraag. ‘Wat is er met je aan de hand Nehemia, dat je zo treurig kijkt?’. Dit kan hem zijn baan of wellicht zijn leven kosten! De schenker van de koning mag immers zijn gemoedsstemming niet tonen in aanwezigheid van de koning. We lezen dat Nehemia erg schrok. Toch schaamt hij zich niet om zijn angst te laten zien. Hij wil echt en waarachtig zijn in alle situaties. Maar Nehemia laat niet toe dat de angst hem verlamt. Onmiddellijk richt hij zich op God en beseft dat de vraag van de koning een mogelijkheid is om zijn plannen en verlangens met de koning te delen. Vandaar dat hij zegt: ‘O koning leef in eeuwigheid. De plek waar mijn voorvaders begraven liggen – hij durft de naam Jeruzalem nog niet te noemen – is verwoest en dát zit me zo hoog!’.

Dan komt de tweede vraag van de koning: ‘Wat is dan je wens?’. Nehemia kan het bijna niet geloven. Vier maanden heeft hij gewacht om een mogelijkheid om zijn verlangens en plannen met de koning te delen en nu vraagt de koning heel direct en duidelijk naar zijn wensen. Nehemia beseft de geweldige mogelijkheid die hem geboden wordt en opnieuw weet Hij zich afhankelijk van God. Opnieuw begint hij met bidden en roep tot zijn almachtige Vader in de Hemel.

Vervolgens vertelt hij heel open zijn verlangens: ‘Dat u mij naar Juda laat gaan om de stad te herbouwen’. Op dat moment blijkt de koning -  die als grillig bekend stond  – tot zijn verrassing heel welwillend te zijn. Nehemia ziet hierin Gods hand en vraagt óók om de vereiste documenten, zodat de landvoogden hem doorgang moeten verlenen door de gebieden waar hij doorheen reist. Hij verzoekt verder om een brief voor Asaf, de houtvester, die hem het benodigde hout ter beschikking zal moeten stellen. Al die wensen worden ingewilligd. Hij krijgt zelfs meer dan hij vraagt. Een ruiterescorte om hem onderweg te beschermen.

Wanneer God Nehemia een open deur geeft gaat hij er ook voor. Hij aarzelt niet om, in vertrouwen op God, al zijn plannen en wensen kenbaar te maken. En God geeft Zijn zegen.
Durven wij plannen te maken, durven wij groot te denken van God. Durven we te geloven dat God ons op een bijzondere manier gebruiken wilt.

3. Strijd   de goede strijd (Nehemia 2:11)

Toen Nehemia in Judea aankwam, ervoer hij onmiddellijk tegenstand. Sanballat de gouverneur van Samaria en Tobia de gouverneur van Transjordanië proberen Nehemia te ontmoedigen. Waarom waren deze regeringsleiders zo bezorgd over de komst van Nehemia?

  • Voordat Nehemia er was hadden Sanballat en Tibia het gezag over Jeruzalem. Ze vreesden dat hun positie zou aangetast worden.
  • Nehemia was niet zomaar iemand, hij was de schenker en raadgever van de koning van Perzië. Als iemand hun macht kon aantasten en de gunst van het volk Israël kon winnen was hij het wel.

Wanneer we leven in vertrouwen op God, zal ons leven altijd gekenmerkt worden door strijd. Waarom? Omdat de satan onze tegenstander niet wil dat we met God leven, dat we ons leven in vertrouwen in Gods hand leggen. Zo verliest hij zijn macht. De satan weet dat we niet zomaar gelovigen zijn, maar kinderen van God. We zijn ook in staat om zijn invloed te vernietigen. Besef dat wanneer je Gods wil wil doen, wanneer je wil stoppen met zonde, iets wil doen voor de gemeente, je strijd zal ervaren. Maar geef niet op, laat je niet ontmoedigen door de strijd richt je op God die achter je staat en je zal helpen om te volharden.

4. Wees nederig en voorbereid ( Nehemia 2:11-18 )

In Jeruzalem aangekomen begint Nehemia aan zijn opdracht. Opnieuw zien we dat hij dit heel anders doet dan men zou verwachten. Nehemia komt niet met veel tamtam Jeruzalem binnen. Hij presenteert zich niet als de ‘redder van Israël’. Hij komt niet met het idee ‘zo, nu zal ik jullie eens tonen hoe het moet.’ Nee, de mensen merken niet eens dat hij aankomt. Stil en rustig neemt hij zijn intrek.  Waarom doet hij dat? Waarom laat hij niet direct bij aankomst z’n papieren van de koning zien, wil hij niet gelijk de touwtjes in handen hebben? Nehemia wil niet vanuit menselijk gezag optreden. Hij wil in nederigheid, in vertrouwende afhankelijkheid op God zijn werk volbrengen. Na drie dagen gaat hij ongemerkt, ´s nachts bij maanlicht, de muur en de poorten inspecteren. Hij doet dit in het geheim om onzinnig gepraat van zijn tegenstanders te voorkomen. Nehemia wil zich goed voorbereiden op zijn taak en opdracht. Daarom neemt hij heel zorgvuldig een inventaris op en bedenkt een plan, een strategie om de muren te herbouwen.

Als de tijd rijp is, als Nehemia concreet weet wat er moet gebeuren, als hij er opnieuw werk van heeft gemaakt en een beleidsplan klaar heeft, stapt hij naar de leiders van het volk. Hij daagt hen uit, op een goede en positieve manier. Hij leest hen niet de les, ‘en jullie moeten dit en dat, zus en zo’. Maar hij stelt zich naast hen op, net zoals hij deed toen hij ging bidden. Hij zegt: “Kijk nou toch eens naar de rampspoed waarin wij (!) verkeren, dat Jeruzalem verwoest is en zijn poorten met vuur verbrand zijn.” Dat is de eerste stap: hij stelt zich niet hoog boven hen op, maar identificeert zich met het volk. Hij geeft een duidelijk beeld van het probleem. Zijn inspectietocht stelde hem in staat om het werk realistisch en nauwkeurig te omschrijven.
Het volgende wat hij doet is met een duidelijke doelstelling komen, met een helder plan. Hij formuleert wat de bedoeling is en geeft er een motivering bij: “Kom, laten we de muur van Jeruzalem herbouwen, zodat we niet langer een voorwerp van smaad zijn.” . Nu zullen er vast wel mannen bij geweest zijn die het plan van Nehemia stom en onhaalbaar vonden. Daarom wijst Nehemia tenslotte op het feit dat hij zelf ervaren heeft dat God achter zijn plannen staat en hem tot nu toe bijzonder en wonderlijk gezegend heeft: “toen ik hen meedeelde dat de hand van mijn God goed over mij geweest was en eveneens wat de koning tot mij gesproken had…” (vers 18). Nehemia komt hier niet met schittering van woorden. Hij is oprecht en weet zich afhankelijk van God. Hij toont zich wijs en goed voorbereid.

Vertrouw niet op je eigen kunnen, vertrouw op God. Hij is het die je zendt, Hij is je Heer. Bereid je goed voor bij alles wat je onderneemt. God zal immers onze voornemens doen lukken.  Verlang als gemeente dat God ons zal gebruiken als een getuige, dat er nog veel mensen God mogen leren kennen. Laten we aan het werk gaan elk op zijn manier. In gebed, in onze houding, door de onderlinge band. Laten we samen bouwen aan Gods koninkrijk in Hamme.

Gebed

Reacties zijn gesloten.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 83 andere volgers

%d bloggers like this: